- Inleiding
Inleiding
In 2026 heb ik Natuurplaats Binnenbos voor de zesde maal geïnventariseerd op broedvogels. Natuurplaats Binnenbos ligt in de gemeente Utrechtse Heuvelrug tussen de Langbroekerdijk, de Zuwe, de Krommerijn en de Broekweg en is ongeveer 80 ha groot. Het bevat het grootste deel van het kasteelbos van Sterkenburg, een populierenbos, weilanden en hooilanden en stukken moerasbos. Het is eigendom van de Forest Peace Foundation en wordt op een natuurlijke manier beheerd. De graslanden rond het populierenbos en het bos zelf worden begraasd door Galloways. Het hooiland rond de moerasbosjes wordt in juni gemaaid. In een van de weilanden is een voedselbos aangelegd. In het voorjaar van 2021 is begonnen met het inplanten van zaailingen.
Deze inventarisatie is bedoeld om de huidige vogelbevolking in het gebied en de nieuwe vogelbevolking in het voedselbos te monitoren.
Het gebied is toegankelijk via een wandelroute vanaf de Langbroekerdijk door het kasteelbos en het populierenbos. De route komt uit op de Zuwe.
Ik heb me vooral gericht op de bosgebieden, omdat daar de meeste vogels broeden. In 2026 heb ik voor het eerst het voedselbos ook apart geïnventariseerd.
Ik heb het gebied verdeeld in vier subgebieden:
- Kasteelbos (KB),
- Voedselbos (V)
- populierenbos + weilanden (PB),
- hooilanden + moerasbosjes (HL).
Ik heb het gebied zes keer bezocht: op 21 maart, 11 en 25 april, 9 en 23 mei en 11 juni, ’s ochtends vanaf 6.30. Als een vogel zingt is dat een indicatie van een broedgeval. Alle zingende individuen heb ik op kaarten ingetekend.
De start was vanaf de Zuwe op de grens met het kasteelbos. Door het kasteelbos liep ik een rondje. Daarna liep ik een rondje door het voedselbos. Door het populierenbos liep ik langs het pad richting het zuidwesten en terug door de weilanden en door de noordrand van het populierenbos weer richting kasteelbos. Daarna door het hooiland evenwijdig aan het populierenbos naar het zuidwesten en terug langs de sloot evenwijdig aan de twee langgerekte stukken moerasbos.
De eerste keer inventariseerde ik de gebieden 1, 2, 3 en 4; de tweede keer 2, 3, 4 en 1; de derde keer 4, 1, 2 en 3; en daarna overnieuw.
Als een vogel op een bepaalde plaats zong en zich daarna verplaatste heb ik dat aangegeven via een stippellijntje. Het is dus duidelijk welke waarnemingen op dezelfde datum van verschillende individuen zijn.
Het voorjaar van 2026 was weer extreem droog. Op het dammetje aan het eind van het hooiland stond alleen bij de eerste keer een paar cm water.
Territoria zijn bepaald door voor elke soort een kaart te maken met waarnemingen van zingende vogels van die soort. Een waarneming van een tjiftjaf op de eerste datum wordt een 1 op de kaart voor de tjiftjaf, op de tweede datum een 2 enzovoort.
Daarna zijn voor elke soortkaart de waarnemingen in groepjes verdeeld. Elk groepje bevat een aantal waarnemingen die op ongeveer dezelfde plaats zijn gedaan. Per groepje mag elke datum maar eenmaal voorkomen.
Voor het vaststellen van territoria heb ik de richtlijnen van SOVON voor het broedvogelmonitoringproject (BMP) gebruikt. Zie www.sovon.nl. Voor de meeste soorten volstaat bij zes bezoeken een enkele waarneming van een zingende vogel binnen de datumgrenzen van die soort voor het constateren van een broedgeval.

Binnenbos, zicht op hooiland in richting kasteelbos.
De volgende vier hoofdstukken bevatten de aantallen broedparen per soort in het gehele gebied in 2021 t/m 2026. De soorten zijn gesorteerd op het aantal in 2026. In hoofdstuk vijf worden de broedvogels van het voedselbos besproken.
- Talrijke soorten in gehele gebied
Tabel 1
| soortnaam | 2021 | 2022 | 2023 | 2024 | 2025 | 2026 | toe/af |
| Tjiftjaf | 40 | 40 | 56 | 58 | 59 | 47 | < |
| Zwartkop | 30 | 31 | 30 | 34 | 21 | 40 | > |
| Vink | 23 | 14 | 37 | 28 | 33 | 32 | <> |
| Winterkoning | 16 | 17 | 22 | 16 | 19 | 17 | <> |
| Koolmees | 16 | 13 | 12 | 11 | 12 | 14 | <> |
| Tuinfluiter | 11 | 10 | 10 | 8 | 11 | 13 | <> |
| Boompieper | 5 | 2 | 9 | 8 | 8 | 12 | > |
| Grote Bonte Specht | 6 | 8 | 6 | 9 | 8 | 11 | <> |
| Roodborst | 6 | 7 | 16 | 15 | 10 | 10 | <> |
| Pimpelmees | 10 | 11 | 10 | 5 | 7 | 10 | <> |
Van 10 soorten zijn 10 paren of meer vastgesteld. De talrijkste soort was in 2026 weer de tjiftjaf. Het aantal paren nam in 2026 flink af vergeleken met eerdere jaren. Zwartkop en boompieper lijken iets toe te nemen. De aantallen van andere talrijke soorten (vink, winterkoning, koolmees, tuinfluiter, grote bonte specht, roodborst, pimpelmees) bleven ongeveer constant.

Binnenbos 2026, koekoek.
- Vrij talrijke soorten in gehele gebied
Tabel 2. Vrij talrijke soorten in gehele gebied
| soortnaam | 2021 | 2022 | 2023 | 2024 | 2025 | 2026 | toe/af |
| Grasmus | 10 | 12 | 6 | 11 | 12 | 9 | <> |
| Boomkruiper | 8 | 6 | 7 | 5 | 5 | 8 | <> |
| Roodborsttapuit | 1 | 1 | 3 | 2 | 3 | 8 | > |
| Spreeuw | 4 | 3 | 5 | 2 | 6 | 7 | <> |
| Zanglijster | 11 | 5 | 9 | 11 | 5 | 6 | <> |
| Merel | 9 | 8 | 10 | 11 | 13 | 5 | < |
| Fitis | 14 | 7 | 12 | 6 | 10 | 5 | < |
| Boomklever | 3 | 4 | 5 | 3 | 4 | 5 | <> |
| Spotvogel | 2 | 5 | 1 | 3 | 4 | 5 | <> |
| Bosrietzanger | 3 | 4 | 5 | 6 | 4 | 4 | <> |
| Appelvink | 1 | 2 | 3 | 2 | 6 | 3 | <> |
| Putter | 2 | 5 | 8 | 1 | 6 | 3 | <> |
| Houtduif | 0 | 1 | 1 | 1 | 2 | 3 | > |
| Kleine Karekiet | 3 | 3 | 1 | 2 | 2 | 3 | <> |
| Heggenmus | 2 | 4 | 2 | 4 | 3 | 2 | <> |
| Koekoek | 2 | 2 | 3 | 2 | 2 | 2 | <> |
| Sprinkhaanzanger | 2 | 0 | 2 | 2 | 2 | 2 | <> |
| Buizerd | 1 | 1 | 1 | 1 | 1 | 2 | > |
| Groene Specht | 0 | 0 | 0 | 1 | 1 | 2 | > |
| Kneu | 2 | 2 | 4 | 5 | 1 | 2 | <> |
| Staartmees | 0 | 1 | 1 | 0 | 0 | 2 | <> |
Van 22 soorten werden tussen de 2 en 9 territoria vastgesteld.
Het aantal roodborsttapuiten nam toe, vooral in het voedselbos. Ook het aantal groene spechten lijkt iets toe te nemen.
Het aantal merels nam af. Dit is in overeenstemming met de landelijke trend, en komt door het usutuvirus, dat veel sterfte heeft veroorzaakt onder merels.
De andere soorten bleven ongeveer gelijk.
Het nest van de buizerd in het populierenbos in het hooiland was ook in 2026 weer bezet. Een tweede paar buizerds broedt waarschijnlijk net buiten het geïnventariseerde gebied.
Het aantal spreeuwen is een zeer onnauwkeurige schatting. Spreeuwen nestelen vlak bij elkaar in boomholtes en de hier gebruikte methode is eerder een schatting van het aantal clusters met spreeuwennesten dan van het aantal nesten.

Binnenbos 2026, roodborsttapuit.
- Schaarse soorten in gehele gebied
Tabel 3. Schaarse soorten in gehele gebied
| soortnaam | 2021 | 2022 | 2023 | 2024 | 2025 | 2026 | toe/af |
| Havik | 1 | 2 | 1 | 2 | 1 | 1 | <> |
| Nachtegaal | 0 | 1 | 3 | 3 | 2 | 1 | <> |
| Rietgors | 2 | 3 | 1 | 2 | 1 | 1 | <> |
| Ringmus | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 1 | > |
Van 4 soorten werd maar 1 territorium vastgesteld. Hierbij hoort in 2026 ook de nachtegaal. In 2021 werd die nog niet gehoord maar in 2022 t/m 2024 werden telkens 3 paren vastgesteld. In 2025 werden 2 paren gehoord maar in 2026 maar 1.
In het kasteelbos werd in 2026 net als in 2021 t/m 2025 weer een havik gehoord.
In 2021 t/m 2023 en 2025 t/m 2026 heb ik de waarneming van ganzen niet apart genoteerd.
In 2026 werden de volgende soorten niet meer waargenomen: fazant, gekraagde roodstaart, glanskop, goudvink, grauwe vliegenvanger, kleine bonte specht, sperwer en waterral.
Eenmaal werd een middelste bonte specht gehoord, maar dit is niet vaak genoeg om een broedgeval vast te stellen.

Binnenbos 2026, vos.
- Het voedselbos
in 2026 is voor het eerst het voedselbos apart geïnventariseerd. Hier zijn in 2026 vier soorten broedvogels vastgesteld: grasmus (4 paren), boompieper (3), roodborsttapuit (2) en putter (1 paar). Deze zijn meegeteld in tabel 1 t/m 3. Dit zijn allemaal soorten van open gebieden met houtwallen en bosranden.

Binnenbos 2026, ree.
- Conclusies
In totaal zijn in 2026 36 soorten broedvogels vastgesteld. Het landgoed is rijk aan soorten en aantallen per soort. Echt zeldzame soorten zijn er niet bij.
De waargenomen soorten zijn grotendeels algemene soorten van loofbossen, maar ook algemene soorten van struikgewas (fitis), van open gebieden met houtwallen en bosranden (boompieper, roodborsttapuit, grasmus, kneu, sprinkhaanzanger en spotvogel) en riet- en moerasvogels (kleine karekiet, bosrietzanger en rietgors).
In het voedselbos zijn alleen soorten van open gebieden met houtwallen en bosranden vastgesteld.
De vogelpopulatie van natuurplaats Binnenbos is vergelijkbaar met die van andere landgoederen in het Langbroekergebied.
Het zal interessant zijn om te zien of het aantal soorten in het voedselbos zich gaat uitbreiden.
Foto’s: Nicolien Drost.